SS FORT MAISONNEUVE


De FORT vrachtschepen behoorden tot de Liberty klasse. Deze 134 meter lange schepen werden tijdens de tweede wereldoorlog speciaal gebouwd voor het bevoorraden van geallieerde troepen. Ze waren eigendom van de Canadese regering en stonden geregistreerd in Groot Brittannïe.

De SS FORT MAISONNEUVE was in december 1944 op weg van New York naar Antwerpen met een lading bloem, voertuigen en munitie. Ondanks het ruimen van mijnen liep het schip in de monding van de Westerschelde ter hoogte van Cadzand op 15 december 1944 op een mijn en zonk. Vier bemanningsleden verdronken, waarvan bekend zijn: Ali Said, 44 jaar, Derek Cappleman, 19 jaar en Saleh Mosleh, 35 jaar.

De MAISONNEUVE lag in 3 delen op de bodem van de Wielingen. De lading bloem (4.500 ton), verpakt in balen van 50kg., kwam boven drijven en spoelde aan op de stranden van Zeeuws-Vlaanderen en Walcheren. Aangespoelde balen werden opengesneden en men constateerde dat de buitenste schil van ongeveer vijf centimeter bestond uit natte bloem, maar dat de rest uitstekend voor consumptie geschikt was. Het meel werd in droge schone zakken verpakt. Het vochtige meel bleef in de zakken achter en werd gebruikt als veevoer.

Het wrak van de MAISONNEUVE was een gevaar voor de scheepvaart, het lag immers in de vaarroute. In 1961 werd besloten het wrak dieper in de zeebodem te begraven met behulp van explosieven onder de scheepsdelen. Bergingsbedrijf Van den Akker uit Vlissingen kreeg de opdracht. Vanwege de 900 ton munitie aan boord moest omzichtig te werk worden gegaan. Heel veel tijd ging verloren aan juridisch-administratieve zaken. Tijdens de werkzaamheden moest ook bij elke explosie eerst toestemming van de gemeente Cadzand verkregen worden. Uiteindelijk lag in 1964 het wrak 16 meter onder de zeespiegel.

In de jaren '90 werd het uitdiepen van de Westerschelde noodzakelijk voor een onbelemmerde doorgang van steeds grotere schepen naar Antwerpen. De MAISONNEUVE lag in de weg en moest nog dieper in de zeebodem gelegd worden. In 1996 zijn eerst grote delen van het schip geborgen, waarna de restanten op 22 meter diepte gebracht werden. Wegens explosiegevaar van de nog in het ruim liggende 900 ton munitie, werd tijdens de berging een deel van het Cadzandse strand verboden gebied.

Eén van die geborgen voorwerpen was een 40mm snelvuurkanon. Rijkswaterstaat schonk het boordwapen aan Cadzand. Het kanon is, als gedenkteken, op een sokkel geplaatst in de duinen nabij hotel Noordzee. Plaatselijke ondernemers verleenden daarbij belangeloos hun medewerking. Twee jaar later is het snelvuurkanon verplaatst naar de ingang van het particuliere verzetsmuseum SWITCHBACK in Oostburg.

Op de sokkel staat sinds het jaar 2000 een manshoge afbeelding van een haaientand, het officieuze symbool van Cadzand.

Bron:
wrecksite.eu
Zeeuws Archief
Hans Sakkers en Karel Noorlander; Koudekerke in de tweede wereldoorlog, 2013
Cor Heijkoop; S.O.S. - In de Wielingen, 2012
Volkskrant
Leendert Fremouw
cadzandgeschiedenis.nl, Bert Voets