De Kezanse

Tussen 1870 en 1875 werd met kruiwagen, schop en veel goedkope mankracht een kanaal gegraven tussen de Bakkersdam bij Oostburg richting Cadzand om het overtollige oppervlaktewater van de achterliggende polders af te voeren naar zee.
Een sluis (de sluuze in ons Kezanse dialect) is daarbij noodzaak als technisch hulpmiddel. Anders stroomt bij vloed het achterliggende land vol met zeewater, hetgeen niet de bedoeling is.
Bij eb wordt het polderwater, dat dan aan de landzijde veel hoger staat dan het zeewater aan de andere kant, de volle vrijheid gegeven richting zee te stromen en is men het kwijt.

                

  Achter deze zeesluis lag nog een z.g. wachtsluis als extra zekerheid voor het geval bij grote stormvloed, zoals bijv. in 1953, de zeesluis het niet zou houden.
Deze wachtsluis lag ter hoogte van waar u nu landinwaarts het houten fiets/voetgangersbruggetje ziet.
   
Op de foto ziet u Piet de Lijser, de laatste sluuswachter van Cadzand aan het windwerk. Hij bediende daarmee de sluisdeuren.
Het gebeurde met de hand en was loodzwaar werk.
   
 

De vissers van Retranchement verloren na de verzanding van het Zwin in 1875 hun haventje. Als compensatie werd in 1902 in Cadzand-Bad een haventje gegraven.

Op de foto, het getijdenhaventje van Cadzand, zoals dat er vroeger uit zag, geschilderd door de Bressiaanse amateur- schilder en voormalig visser uit Cadzand Jaap Albrechtse.

 
 

De sluuze vervulde feitelijk een dubbel doel. Het werd al spoedig een sociaal trefpunt waar de weinige autochtone Kezantenaren elkaar na een vermoeiende dagtaak troffen.
Het was de tijd dat de Kezantenaren zelf in hun schuurtje bivakkeerden en hun huis verhuurden aan de toeristen, de badgasten.
Toerist en Kezantenaar, men kende elkaar en had tijd voor een praatje.
Zeker op de sluuze waar er altijd wel een aantal te vinden waren voor een gezellige kout.
En was er niemand dan was er altijd nog wel de sluuswachter te vinden met een goed advies over het weer voor de komende dagen, de kwaliteit van de mosselen dit seizoen, of de goeie raad niet te ver de zee in te gaan, want 'de wind is aflaandig en d'r zit een sterke onderstroom bie afgoand water'.
En die sluuswachter, die wist uiteraard alles van het weer af.

Die keek naar de lucht en zei: ' gao morgen mao nao Brugge wan de wind draoi na't zuuen en da krieg je'nhieile dag 'n miezerigge motregen'.

   
Panta Rhei, alles stroomt zoals het water door de sluuze, alles is in beweging, niets is bestendig. Zo ook Cadzand, haar bewoners en de gasten die er zich kunnen ontspannen of vermaken.
Tussen de 'tijd van toen' en het heden ligt ruim een halve eeuw met een zich steeds veranderende badplaats en steeds weer nieuwe gasten. Die tijd van toen komt nooit meer terug.
In die halve eeuw is Cadzand-Bad enorm veranderd. De sluuswachter en met hem zijn kompanen op de sluuze zullen over nóg een halve eeuw 't Haoventje van Kezaant niet meer terug kunnen vinden.
   
  In de 90er jaren toen de contouren van een vernieuwend Cadzand-Bad zich begonnen af te tekenen bouwde een kleinzoon van de laatste sluiswachter van Cadzand een klein appartementencomplex op de grond van z'n grootvader.
Dit appartementencomplexje, 'De Sluuswachter' was de aanleiding een beeld aan te bieden aan de gemeenschap.
  'De sluuswachter' als symbool voor al die oude Kezantenaoren op de sluuze. Symbool van een periode die niet meer terug komt.

Het oorspronkelijke beeld, vervaardigd van gegoten graniet, werd helaas onherstelbaar vernield.
Dat was jammer, want Cadzand-Bad heeft niet zo erg veel publieke kunst aan te bieden. Het zijn een beeldje aan de ander kant van de Boulevard de Wielingen, de 'Badnimf', (Guido Metser 1972, eveneens een initiatief van Peter de Lijser), een fraaie haaientand (ontworpen en uitgevoerd in 2000 door J.A.J. Boekhout uit Breskens op initiatief van Piet Faas van Hotel Noordzee), het 'Frisse Neuzen' symbool (van de hand van T. Clement in opdracht van de toenmalige Cadzand-promotiegroep 'Frisse Neuzen') en tenslotte de zuilengalerij van de Boulevard de Wielingen, die samen met de bijzonder lichtmasten ook als kunstwerk gezien moeten worden.
Daar moet Cadzand-Bad het vooralsnog mee doen.

 

 
De toenmalige gemeente Oostburg(1970-2003) is van mening geweest dat de sluuswachter terug moest komen en heeft Hugo Metser, de ontwerper van het oorspronkelijke beeld, opdracht gegeven een nieuw beeld te vervaardigen.
Dit bronzen beeld is op 20 december 2000 geplaatst en onthuld óp de sluuze waar een sluuswachter thuis hoort. Je kunt er weer tegen praten, je mag met hem op de foto en je kunt er nog steeds Kezantenaoren aantreffen die bereid zijn je de weersverwachting voor morgen en de rest van de week te voorspellen.
Een echte sluuswachter om de sluizen open en dicht te draaien is er niet meer.
  Tegenwoordig wordt het kanaalwater weggepompt doormiddel van een gemaal. Maar op en rond de sluuze, midden tussen het Panta Rhei-gebeuren van de zich steeds vernieuwende hotels en appartementscomplexen, blijf je als gast ook in de toekomst de Kezanse gastvrijheid en aanspreekbaarheid ervaren.
En is er niemand op de sluuze? Dan tref je er altijd nog de geest van de oude Willem Mellie, Sakke Poreij, Ko Legas, Bram Baas of z'n broer Jan Keij, Sakje Missillie of d'n ouw'n Tjeeuw Legas (persoonsnamen op z'n Kezaans geschreven) en zo vele prominente sluuzegangers van toen, vormgegeven in het beeld van de sluuswachter.
 
  Panta Rhei, alles beweegt, alles is veranderlijk. De zuilengalerij aan de Boulevard de Wielingen, ooit als kunstwerk neergezet, zal in de toekomst misschien het veld moeten ruimen voor weer een nieuwe ontwikkelingsfase in de geschiedenis van de badplaats.
Laat er echter ruimte blijven voor een paar herinneringen aan 'de tijd van toen' en laat de 'sluuswachter' op de plaats blijven waar hij hoort; op de sluuze'.
   
  Deze tekst is eerder gepubliceerd in een brochure, welke tot stand is gekomen dankzij de medewerking van Gerda en Jack Flemm-de Lijser, voormalig exploitanten van Hotel Café Restaurant Zeebad, ter gelegenheid van hun afscheid in 2000.
   
 

Samenstelling en tekst : Peter J.L. de Lijser
Internet-pagina: Franklin Fremouw
M.m.v. de gemeente Oostburg.

Terug naar boven